Aanmelden

BackCover.be

Gepubliceerd in Nieuws

De toekomst van de akkerbouw is high-tech. En net daardoor duurzaam

6 juli 2015 Door 
Zo efficiënt mogelijk rondjes rijden over de akker (mens tegen computer). De computer wint altijd. Zo efficiënt mogelijk rondjes rijden over de akker (mens tegen computer). De computer wint altijd. © Bart Coenen

Het overgrote deel van onze voeding wordt geproduceerd door hoogtechnologische intensieve landbouw. Dat zal in de toekomst niet anders zijn. GPS, verbeterde monitoring, high-tech sensoren en drones zijn de nieuwste tools die de sector snel richting meer duurzaamheid stuwen.

Info

Gewiekste ondernemers en reclamemakers cultiveren en bespelen de romantische gevoelens die bij het grote publiek leven rond landbouw. Consumenten worden voortdurend aangesproken op deze sentimenten als het gaat over voedselproductie of dierenwelzijn. Rond het gebruik van middelen om ziekten en plagen te bestrijden, aarzelen ngo's  - zoals recent nog Greenpeace - zelfs niet om op gevoelens van angst en afkeer in te spelen.

Je zou voor minder geloven dat de toekomst van de landbouw ligt bij kleinschalige, lokale, (biologische) initiatieven. De groei en populariteit van randfenomenen als dakmoestuinen en Community Supported Agriculture zijn echter misleidend, want de toekomst ligt in de eerste plaats bij de hoogtechnologische landbouw.

Er is niets mis met kleinschalige (biologische) voedselproductie. Buurtmoestuinen, voedselteams, groentepakketten en dies meer zijn nuttig, kunnen een educatieve waarde hebben en zijn meestal positief bedoeld. Spilvarkens zijn niet alleen mediageniek, maar ook een leuke aanwinst voor hipsterstad Gent.

Maar al deze initiatieven volstaan in de verste verte niet om aan onze caloriebehoeften te voldoen en zijn vergeleken met de modernste landbouwtechnieken niet noodzakelijk vriendelijker voor het milieu; o.a. wegens de kleinschaligheid ervan zijn ze dat zelfs vaker niet dan wel. De realiteit is dat het overgrote deel van onze voeding al een hele tijd geproduceerd wordt door hoogtechnologische intensieve landbouw (met productie over de hele wereld) en dat dit in de toekomst zo blijft.

Deze hight-tech landbouw wordt dankzij de nieuwste innovaties alsmaar milieuvriendelijker, in de eerste plaats door minder input te vergen. De landbouw van de toekomst gebruikt minder pesticiden, minder kunstmest en minder (fossiele) brandstof en vergt minder arbeid.


Slimmer en beter

Die toekomst is volop bezig en om dat te tonen, organiseerde CEMA, de vereniging van Europese machineproducenten begin juli samen met Bayer Crop Science demonstraties op boerderij Hof ten Bosch in Huldenberg. De bezoekers kregen er vanop de eerste rij een zicht op de modernste, vaak revolutionaire technieken die de landbouw slimmer en duurzamer maken, zoals moderne met een GPS uitgeruste tractoren, precisiezaaimachines en data management systemen.

"Precisietechnieken hebben de landbouw omgevormd tot een hoogtechnologische sector," vertelde CEMA-baas Ulrich Adam tijdens zo'n demonstratie aan zijn toehoorders, een bonte mengeling van Europese beleidsmakers, vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven en journalisten. "Van het zaaien en planten tot de oogst bieden machines boeren nieuwe tools om hun land te beheren op een steeds preciezere en duurzame manier. De boeren realiseren zo meer opbrengst met minder input. Voor henzelf reduceert het de kosten, wat de levensvatbaarheid van landbouwbedrijven verhoogt."

Zeker, de landbouw staat voor uitdagingen. Maar die ziet Marc Sneyders, hoofd duurzame ontwikkeling bij Bayer Crop Science liever als opportuniteiten. Bij de industrie, de regelgever en in de maatschappij groeit volgens Marc Sneyders een consensus rond de noodzaak van een verduurzaming van de landbouw, al benadrukt hij dat het hier niet gaat over ecologische landbouw. Zonder een evenwicht tussen sociale, economische en ecologische doelstellingen kan men volgens Marc Sneyders niet van echte duurzaamheid spreken. De betaalbaarheid van voeding blijft voor hem van groot belang en de toegenomen regulering van de sector, bijvoorbeeld de beperking van het aantal toegelaten pesticiden, leidde volgens Sneyders niet tot een afname van angst bij het grote publiek. Integendeel: hoe minder pesticiden er over blijven, hoe groter de angst voor het resterende arsenaal.


Minder input van … alles

Beter en meer produceren met minder input (van bestrijdingsmiddelen, kunstmest en brandstof) is de boodschap. Zo wordt in de perenboomgaard van Hof Ten Bosch nog slechts een tweetal keer gesproeid en dat met selectieve insecticiden die de predatoren van schadelijke insecten niet doden. Vroeger werd in een boomgaard per teeltseizoen algauw tien keer gesproeid. Biologische bestrijding met nuttige insecten als lieveheersbeestjes en zweefvliegen vervangt intussen voor een deel de weggevallen chemische bestrijding. Met feromonenvallen worden schadelijke insecten gevangen. Zo worden bijvoorbeeld de mannetjes van schadelijke motten aangetrokken. Pas wanneer de boer vijf exemplaren in zo'n val aantreft, weet hij dat het tijd wordt om in te grijpen, door het uitzetten van natuurlijke vijanden als het kan en met selectieve insecticiden als het moet.

Hof ten Bosch heeft een eigen weerstation en een daaraan verbonden waarschuwingssysteem tegen ziekten als phytophthora, vooral een plaag in de aardappelteelt. Opnieuw maakt dit veel gerichter sproeien mogelijk en beperkt het zo de inzet van fungiciden. De nodige info krijgt de boer via een app op zijn smartphone.

Spuiten waar nodig, wanneer nodig en zo precies mogelijk is het devies. Vandaag is het immers mogelijk om de aanwezigheid van pesticidenresidu's in oppervlaktewaters te meten in nanogrammen.

Een nanogram, dat kun je je het best voorstellen als 'niets van niets'. Daarom is het des te ergerlijker wanneer ngo's als Greenpeace van de moderne detectiemethoden misbruik maken om de bevolking angst aan te jagen voor pesticidenresidu's (terwijl deze vondsten doorgaans ver onder de wettelijke normen blijven). Een boer die chemische bestrijdingsmiddelen wil gebruiken, moet vandaag over een 'phytolicentie' beschikken, een soort van rijbewijs waarmee hij aantoont dat hij de nodige machines kan bedienen en dat hij weet wanneer het gebruik van een middel aangewezen is. Boeren moeten bovendien nauwgezet bijhouden welk middel wanneer is gebruikt en hoeveel. Hij moet zelfs kunnen uitleggen waarom.

Voor de verzameling van het water uit tanks die na de toepassing van een bestrijdingsmiddel gespoeld worden, werd op Hof ten Bosch een speciaal betonnen oppervlak gegoten. Het afvalwater komt op deze manier volledig gescheiden van regenwater in een tank terecht. Van daaruit wordt het in een afgeschermde bak gepompt met daarin een mengeling van aarde en stro. De micro-organismen die in dit mengsel leven, breken de actieve stoffen af. Alle bestrijdingsmiddelen, behalve het in de biologische landbouw toegestane koper, zijn op deze manier afbreekbaar.

Ook aan de gezondheid van de boer wordt gedacht. Een speciaal ontwikkelde connector zorgt ervoor dat de boer niet in contact komt met het bestrijdingsmiddel en dat hij geen druppel pesticide morst. Het doet allemaal wat overdreven aan, maar het op open standaarden gebaseerde systeem wordt intussen in de hele sector doorgevoerd.


Preciezer dan de boer

Innovaties in de machinebouw maken milieuvriendelijke alternatieven voor het ploegen zoals strip tillage mogelijk. Dat is belangrijk in de strijd tegen erosie. Met speciale sensoren kunnen boeren hun hele akker in kaart brengen. Een GPS-gestuurde tractor kan daarop tot op 2 cm nauwkeurig over de akker rijden - beter dan om het even welke boer - en bijvoorbeeld enkel stikstof toevoegen waar nodig omdat de spuiten automatisch openen of sluiten. Dankzij de nauwkeurigheid van de GPS-gestuurde tractor wordt elke overlap vermeden en het brandstofgebruik beperkt. Hetzelfde bij de bestrijding van ziekten: drones bijvoorbeeld kunnen de aanwezigheid van een plaag in kaart brengen door over de akker te vliegen waarna de GPS-gestuurde tractor enkel daar kan spuiten waar nodig. In theorie kan dit alles volledig automatisch, al vereist de wet vooralsnog de aanwezigheid van een mens in de tractorcabine.


Samengevat:

In de akkerbouw van de toekomst rijden gps-gestuurde tractoren zo weinig mogelijk over volledig in kaart gebrachte akkers om superefficiënt te zaaien, planten, bewateren, wieden, sproeien en oogsten. Hierdoor is er minder nitraatverlies, verbetert de waterhuishouding, is er lagere onkruiddruk, worden minder herbiciden, kunstmest en brandstof gebruikt en is er minder erosie. De zaailingen en het gewas floreren en vergroten de oogst. De boer betaalt minder voor de input - hij bespaart flink op zaaigoed, bestrijdingsmiddelen, kunstmest en brandstof -  en de consument eet gezond en goedkoop.


Meer lezen?

Ook Bayer-concurrent Syngenta werkt op een demonstratieboerderij aan de verduurzaming van de landbouw (vilt.be).

Beoordeel dit item
(2 stemmen)
Getagged onder

Laat een reactie achter

RSS
LinkeIn
Facebook
Twitter